Skip to main content

Multi RS

Relais

Een programmeerbaar relais is beschikbaar in de Multi RS. De contacten zijn toegankelijk via de User I/O klemmen. Raadpleeg de Gebruiker I/O functies tabel voor de aansluitpennen.

  • Relaismodus: Tik in het vakje om de werkingsmodus voor de relais te selecteren of wijzigen.

Sommige opties staan extra instellingen toe om de relaiscontacten een minimale tijd gesloten te laten blijven, of een bepaalde tijd nadat een toestand is opgeheven.

  • Minimale gesloten tijd: Bepaalt de minimale tijd dat het relais gesloten blijft nadat het is ingesteld door een voorwaarde.

  • Relais uit vertraging: Nadat een alarmtoestand is opgeheven, blijft het relais gedurende deze extra tijd gesloten.

MultiRS_Relay.png

Eén van meerdere relais modi kan uit de lijst geselecteerd worden:

  • Alarm: Het relais wordt gesloten als er ofwel een alarm voor hoge accuspanning of lage accuspanning actief is.

    • Lage spanning relais: Kies de parameters om een alarm voor lage accuspanning in te stellen en te wissen.

    • Hoge spanning relais: Kies de parameters om een alarm voor hoge accuspanning in te stellen en te wissen.

  • Handmatige besturing: Gebruik deze optie om de relais handmatig te besturen via de Instellingen Relais pagina of via de statuspagina.

  • Omvormenen: De relaiscontacten sluiten als de Multi RS wordt omgevormd.

  • Lage accuspanning: Het relais sluit als de accuspanning onder de ingestelde waarde zakt.

    • Lage spanning relais: Als de accuspanning onder het ingestelde niveau zakt, sluit het relais. Het relais opent opnieuw als de spanning boven een hoger ingestelde spanning stijgt.

  • Ventilator: Het relais sluit als de interne ventilator van de Multi RS draait.

  • Opladen: Het relais wordt gesloten als de acculader aan het opladen is en de accuspanning tussen de lage en hoge spanningslimieten ligt.

    • Lage spanning relais: Het relais opent als de accuspanning onder de lagere ingestelde spanning komt en het sluit weer als de accuspanning boven de hogere ingestelde spanning komt.

    • Hoge spanning relais: Het relais opent als de accuspanning hoger is dan de hogere ingestelde spanning en het sluit weer als de accuspanning lager is dan de lagere ingestelde spanning.

  • Aggregaatbesturing: Zie de volgende rubriek voor details.

  • Uitgeschakeld: Het relais wordt niet gebruikt en de contacten zijn altijd open.

MultiRS_Relay_mode.png
  • Besturing aggregaat: Kies deze modus voor het relaiscontact om het starten en stoppen van een aggregaat te besturen.

    Er zijn een aantal voorwaarden die kunnen worden ingesteld om het aggregaat te starten en te stoppen.

    Elke of alle voorwaarden kunnen worden ingeschakeld via de schakelaar voor elke voorwaarde.

    • Relais polariteit: Selecteer of het relaiscontact sluit om het aggregaat te starten of dat het opent om het aggregaat te starten.

    • Start/Stop gebaseerd op belasting: Start het aggregaat als de AC uitgangsbelasting een ingestelde limiet bereikt.

      • Start als het belastingsvemogen hoger is dan: Stel de stroomlimiet in die overschreden moet worden voordat het aggregaat start.

      • Vertraging vóór start: Stel een vertraging in vanaf de activering van de toestand met hoge belasting voordat het aggregaat daadwerkelijk start. Dit is het geval als de hoge belasting slechts van korte duur is.

      • Stop als belasting lager is dan: Stop het aggregaat als de belasting onder deze vermogenslimiet valt.

      • Vertraging vóór stop: Stel een vertraging in vanaf het moment dat de belastingsconditie niet langer actief is voordat het aggregaat stopt. Dit is voor het geval de belasting binnen korte tijd weer boven de activeringslimiet komt.

    • Start gebaseerd op accuspanning: Start het aggregaat als de accuspanning te laag wordt.

      • Accuspanning: Kies welke accuspanningsmeting te gebruiken voor aggregaat starten op basis van spanning.

      • Als spanning lager is dan: Het aggregaat start als de spanning onder deze waarde valt.

      • Vertraging vóór start: Laat een bepaalde tijd nadat de voorwaarde is ingesteld voordat het aggregaat.

    • Start gebaseerd op laadstatus: Het aggregaat start als de accu laadtoestand onder een ingesteld niveau gaat.

      • Als de laadtoestand lager is dan: Als de laadtoestand van de accu onder deze waarde komt, start het aggregaat.

MultiRS_Generator_settings.png
  • Stop gebaseerd op accucondities: Bepaal de voorwaarden waaronder het aggregaat moet worden gestopt. Selecteer een van de voorwaarden om het aggregaat te stoppen.

    • Accuspanning: Als deze optie is gekozen, kan de te gebruiken spanningsbron ingesteld worden, het spanningsniveau waarboven het aggregaat stopt en ook een stopvertraging.

    • Laadstatus: Kies deze optie en bepaal een laadstatusniveau. Als deze laadstatus wordt overschreden, stopt het aggregaat.

    • Bulklading voltooid: Geef op hoeveel tijd er moet worden gewacht nadat de bulklaadfase is beëindigd voordat het aggregaat wordt gestopt.

    • Absorptie lading voltooid: Bepaal een hoeveelheid tijd die voorbij moet gaan voordat het aggregaat stopt, nadat de absorptielaadfase voltooid is.

  • Minimale looptijd: Stel een algemene minimale looptijd voor het aggregaat in. Dit is om kortsluiting in het aggregaat te voorkomen.

MultiRS_Stop_conditions.png