5. Instellingen
De omvormer is klaar voor gebruik met de standaard fabrieksinstellingen (zie hoofdstuk Technische specificaties).
De omvormer kan ingesteld worden met behulp van de VictronConnect app. Maak verbinding met een smartphone of tablet met Bluetooth (VE.Direct naar Bluetooth Smart dongle vereist) of met behulp van een computer met USB en een VE.Direct naar USB interface).
Waarschuwing
De instellingen mogen alleen worden gewijzigd door een gekwalificeerde technicus.
Lees de instructies aandachtig door voordat er wijzigingen worden aangebracht.
5.1. AC uitgangsspanning en frequentie
De omvormer is standaard ingesteld op 230 V AC, 50 Hz of 120 V AC, 60 Hz .
De AC uitgangsspanning en frequentie kan op andere waarden worden ingesteld volgens de onderstaande tabel.
5.2. ECO modus en ECO instellingen
De omvormer is uitgerust met een ECO modus. De ECO modus wordt geactiveerd met behulp van de VictronConnect app of de hoofdschakelaar
Als de ECO modus van de omvormer geactiveerd is, dan zal het het stroomverbruik van de omvormer met ongeveer 85 % gereduceerd worden als er geen belasting op de omvormer is aangesloten.
Als de ECO modus van de omvormer geactiveerd is, dan zal de omvormer overschakelen naar de zoek status als er geen belasting of een zeer lage belasting is. Tijdens de zoek status is de omvormer uitgeschakeld maar zal elke 3 seconden gedurende een korte periode (instelbaar) geactiveerd worden. Als de omvormer een bepaalde belasting (instelbaar) detecteert, schakelt de omvormer terug naar de normale bedrijfsmodus. Zodra de belasting onder een bepaald niveau zakt, schakelt de omvormer terug naar de ECO modus.
De onderstaande tabel geeft de standaard instellingen en het instelbereik van de ECO parameters weer:
Parameter | Standaardwaarde | Bereik |
|---|---|---|
Minimale ontwaakvermogen | 15 W | 15 W - classificatie omvormer |
Zoekinterval in ECO modus | 3s | 0 - 64 s |
Zoektijd in ECO modus | 0,16 s | 0,08 - 5,00 s |
Opmerking
Houd er rekening mee dat de vereiste instellingen voor de ECO modus sterk afhankelijk zijn van het type belasting: inductief, capacitief, niet lineair. Aanpassingen voor specifieke belastingen kunnen nodig zijn.
5.3. Alarm voor een te lage accuspanning en instellingen voor laad detectie
De omvormer heeft twee verschillende soorten uitschakel modi bij een te lage accuspanning:
Uitschakeling bij een te lage accuspanning op basis van de accuspanning. Dit is de “uitschakeling bij een te lage accuspanning.
Uitschakeling bij te lage accuspanning gebaseerd op de accuspanning als functie van de acculading. Deze modus is standaard uitgeschakeld. Raadpleeg hoofdstuk Dynamische uitschakeling voor meer informatie .
Nadat de omvormer is uitgeschakeld als gevolg van een te lage accu spanning (ongeacht de modus):
De omvormer zal opnieuw opstarten zodra de accuspanning gestegen is tot boven het niveau “Alarm te lage accuspanning en opnieuw opstarten”.
De omvormer zal het alarm voor te lage accuspanning wissen zodra het detecteert dat de accu wordt opgeladen. Dit is de “laad detectie” spanning.
Accuspanning | Uitschakeling te lage accuspanning | Alarm te lage accuspanning en opnieuw opstarten | Laad detectie |
|---|---|---|---|
12 V | Standaard: 9,3 V Bereik: 0-100 V | Standaard: 10,9 V Bereik: 0-100 V | Standaard: 14 V Bereik: 0-100 V |
5.3.1. Dynamische uitschakeling
De “Dynamische uitschakeling” functie maakt de uitschakel beveiliging bij een lage accuspanning een functie van de accustroom die uit de accu wordt getrokken in verhouding tot de accuspanning.
Als er een hoge stroom uit de accu wordt getrokken, dan wordt een lagere drempel voor de uitschakel spanning gebruikt, bijvoorbeeld 10 V. En net zo, als de accu slechts langzaam wordt ontladen, wordt een hoge uitschakel spanning gebruikt, bijvoorbeeld 11,5 V.
Op deze manier wordt een spanningsval veroorzaakt door de interne weerstand in de accu gecompenseerd zodat de accuspanning een veel betrouwbaardere parameter wordt om te beslissen wanneer gestopt moet worden met de accu te ontladen.
De “Dynamische uitschakeling” functie is vooral handig voor accu's met een hoge interne weerstand, zoals OPzV en OPzS accu's. Het is wat minder relevant voor GEL en AGM accu's en misschien zelfs niet relevant voor lithium accu's. De onderstaande grafiek toont de ontladingsverhouding versus de accuspanningscurve voor de verschillende accu types. De lithium curve (LiFePO4) is bijna vlak in vergelijking met de OPzV en OPzS curve.
De curve kan worden aangepast in de VictronConnect app.
![]() |
Ontlaadverhouding versus accuspanningsgrafiek voor verschillende 12 V accu types (voor een 24 V vermenigvuldigen met 2 en voor een 48 V vermenigvuldigen met 4).
Belangrijk
Gebruik de “Dynamische uitschakeling” functie niet in bij een installatie waarop ook andere belastingen op dezelfde accu zijn aangesloten. In deze systemen kan de accuspanning dalen vanwege andere belastingen die op de accu zijn aangesloten. Het algoritme voor de dynamische uitschakeling in de omvormer kan geen rekening houden met die andere belastingen en zal de omvormer te vroeg uitschakelen met een te lage spanning alarm.
VictronConnect instellingen
De “Dynamische uitschakeling” functie is standaard uitgeschakeld.
Schakel de “Dynamische uitschakeling” functie in om deze te gebruiken en in te stellen.
Selecteer het type accu. Keuze uit: OPzV/OPzS, GEL/AGM, LiFePO4 of Aangepast.
Voer de capaciteit van de accu in.
Vul de spanning voor de verschillende ontlaadstromen in. Deze waarden zijn al ingesteld op de standaardspanningen die horen bij het specifieke type accu dat eerder is geselecteerd. Wijzig deze instellingen alleen als ze moeten worden aangepast en u weet wat u doet, of in het geval dat er een op maat gemaakte accu wordt gebruikt.
De VictronConnect app toont de “Dynamische uitschakeling” instellingen
5.4. Firmware bijwerken
De firmware kan worden bijgewerkt in de product instellingen van de omvormer:
Ga naar de instellingen van de omvormer door rechtsboven op het tandwieltje
te klikken.
Klik rechtsboven op de 3 stippen
.Selecteer “Productinstellingen” in het menu.
Het firmware gedeelte toont de firmware versie en een knop om de firmware bij te werken.
5.5. Instellingen naar standaard terugzetten
De instellingen van de omvormer kunnen op de volgende manier naar de standaard instellingen worden teruggezet:
Ga naar de instellingen van de omvormer door rechtsboven op het tandwieltje
te klikken.
Klik rechtsboven op de 3 stippen
.Selecteer in het menu “Naar standaard terugzetten” en de instellingen worden teruggezet naar de standaardinstellingen.
