11. Instellingen en diagnose
Opmerking
Niet alle Android apparaten kunnen verbinding maken met de GlobalLink 530. Een voorbeeld is de HUAWEI Y6 2019 en er kunnen meer Android smartphones incompatibel zijn.
Helaas is er, als er een Android telefoon gebruikt wordt die niet compatibel is met de GlobalLink 530, geen andere keuze dan overgaan op een andere smartphone die wel compatibel is.
Neem alstublieft geen contact op met Victron ondersteuning als het mobiele apparaat niet compatibel is. Dit is een bekende beperking van de GlobalLink 530 firmware en wordt momenteel niet ondersteund.
11.1. VictronConnect
De status van de GlobalLink 530 met firmware v3.00 of nieuwer kan live gevolgd worden met behulp van een Bluetooth apparaat (zoals een mobiele telefoon of tablet) dat de VictronConnect app gebruikt.
Als de GlobalLinkt niet in VictronConnect te vinden is, dan is het mogelijk dat Bluetooth is uitgeschakeld. Bluetooth ingeschakeld worden vanuit het apparaatoverzicht in VRM. Nadat Bluetooth is ingeschakeld, kan het tot 15 minuten duren voordat de wijziging van kracht is.
Als de VictronConnect app geopend wordt, kan er een GlobalLink 530 uit het overzicht geselecteerd worden. Het overzicht toont het serienummer en de BLE signaalsterkte. Na een succesvolle verbinding wordt het statusscherm geladen.
![]() |
|
|
|
Het statusscherm toont informatie over de verbinding met het mobiele netwerk en het Victron Remote Management portaal. Om het apparaat goed te laten werken, moet de SIM status Ready (Gereed) en de mobiele status Connected (Verbonden) zijn. Controleer ook of de juiste antenne geselecteerd is en wat de huidige signaalsterkte is. Het statusscherm toont ook de naam en het nummer van de aanbieder. Het niet mogelijk om er zelf een te selecteren, zelfs niet als er meer dan één netwerk beschikbaar is in de regio.
In het statusscherm is het ook mogelijk om de status van beide VE.Direct poorten te zien, het aantal aangesloten Bluetooth (smart) apparaten en de status van beide digitale ingangen.
Opmerking
Als er tijdens het opstarten heel vroeg verbinding wordt gemaakt met de GlobalLink 530, dan is het mogelijk dat er een fout wordt weergegeven voor de SIM status. Schakel het apparaat uit en wacht tot het apparaat volledig is opgestart voordat opnieuw verbinding gemaakt wordt. Het apparaat wordt niet automatisch opnieuw opgestart als er een storing wordt waargenomen en er een actieve verbinding via BLE (VictronConnect) is.
11.2. Instellingen
De instellingen pagina is toegankelijk door op het tandwieltje, rechtsboven op de startpagina, te klikken. De instellingen pagina geeft toegang tot het bekijken of wijzigen van de instellingen van de GlobalLink 530. Op deze pagina is ook productinformatie zoals de versie van de geïnstalleerde firmware beschikbaar. Het ingebouwde relais van de GlobalLink 530 kan omgeschakeld worden, of het update kanaal kan gewijzigd of uitgezet worden..
Let op
Als er een bèta lancering firmware geselecteerd wordt, houd er dan rekening mee dat de bèta lancering firmware niet bedoeld is voor normaal gebruik. In het bijzonder is het niet bedoeld voor gebruik in kritieke en/of onbeheerde systemen: een onopzettelijke fout van onze zijde kan het systeem bijvoorbeeld op afstand ontoegankelijk maken, of het systeem zelfs resetten of uitschakelen.
|
|
Voor het oplossen van problemen kan ook de CEREG uitvoer op de instellingenpagina geraadpleegd worden. Deze informatie kan ons helpen om elk probleem met betrekking tot de verbindingen van de mobiele modem te debuggen.
11.3. Victron Smart apparaten en RuuviTags
De GlobalLink 530 ondersteunt Victron Smart apparaten en RuuviTag sensoren. Deze apparaten maken via Bluetooth Low Energy (BLE) verbinding en zijn eenvoudig in te stellen met behulp van VictronConnect. Alle gegevens, zoals spanning, stroom, temperatuur, vochtigheid en luchtdruk, zijn rechtstreeks beschikbaar in VRM.
11.3.1. Instellen van Victron Smart apparaten incl. RuuviTag sensoren
Er kan ingesteld worden welke Smart apparaten en RuuviTags in VictronConnect met de GlobalLink gebruikt worden. Zorg ervoor dat de GlobalLink is ingeschakeld en dat de Smart Victron apparaten of een RuuviTag binnen bereik is (+/- 10 meter binnenshuis).
Maak eerst, vóór het instellen van de GlobalLink 530, verbinding met de Victron Smart apparaten via de VictronConnect app om de firmware van die apparaten bij te werken en dan Direct Uitlezen in te schakelen vanuit het menu Productinformatie. Zie ook de lijst van Product compatibiliteit voor de Victron Smart apparaten die Direct Uitlezen ondersteunen. Apparaten, die niet in de lijst staan, worden niet ondersteund, ook al hebben ze wel Bluetooth.
Stappen voor het configureren van Smart apparaten
Ga in VictronConnect naar uw GlobalLink en dan naar Instellingen door op het tandwielpictogram in de rechterbovenhoek te tikken.
Klik op het menu Smart apparaten.
Er verschijnt een lijst met alle Smart apparaten en RuuviTags die binnen bereik zijn. Schakel de schuifknop in (standaard uitgeschakeld) om de apparaten die op het VRM portaal getoond moeten worden te activeren.
Als het Smart apparaat niet in de lijst wordt weergegeven, kan het zijn dat het buiten bereik is of dat de accu leeg is.
De naam van het apparaat kan gewijzigd worden door op de naam van het apparaat te tikken en vervolgens op Aangepaste naam.
Na het instellen van de Smart apparaten kan op de overzichtspagina gezien worden of ze goed functioneren.
We raden aan om niet meer dan 10 Smart Victron apparaten op de GlobalLink 530 aan te sluiten.
![]() |
11.4. Aangepaste namen
Met VictronConnect is het mogelijk om namen te geven aan de volgende verbindingen:
VE.Direct poort 1
VE.Direct poort 2
Digitale invoer 1
Digitale invoer 2
Alle Smart Victron apparaten, waaronder RuuviTags
![]() |







